Solitaire of wilde bijen

Rond half maart, bij de eerste zonnewarmte merkt je wellicht dat er in de natuur, je tuin en rond je huis het zoemen van de insecten terug begonnen is. Bijen en hommels gaan op zoek naar het nectar en stuifmeel van de vroege bloeiers. In Vlaanderen kennen we een goede 20 soorten sociale bijen en hommels. Met sociaal worden die bijen en hommels bedoeld die samen leven in één nest.

Er zijn echter zo’n 300 soorten bijen in Vlaanderen die solitair leven, dat wil zeggen, dat elk vrouwtje haar eigen nest heeft. Afhankelijk van de soort vind je hun nest(je) in de grond, in verticale wanden, muren, spleten, holle stengels. Dikwijls zij het specialisten die het stuifmeel van één soort plant verzamelen, zoals bijvoorbeeld de Grijze zandbij die enkel op wilgenkatjes vliegt.

gehoornde metselbij - osmia cornuta_1335

In het voorjaar merk je regelmatig dichtbij het huis op kleine hommels lijkende bijen, vooraan zwart en achteraan rossig gekleurd. Het zijn metselbijen: de Rosse metselbij en Gehoornde metselbij. Zij leggen hun eitje, met stuifmeel erbij, in een gaatje (in de muur of hout) en metselen dit dicht, totdat de nieuwe generatie haar weg naar buiten zoekt. Wees niet bang voor hun druk gezoem! Het zijn vreedzame diertjes die ons nooit zullen aanvallen, ons zelfs niet kunnen prikken. Naast de Honingbij zijn het trouwens uitstekende bestuivers van fruitbomen. Jaag de diertjes dus niet weg en geniet van hun naarstige arbeid.

 

Op open zandige gronden vind je van maart tot begin mei soms honderden zandhoopjes, elk met een gaatje, en een gezoem van jewelste errond. Dit zijn Grijze zandbijen, eveneens ongevaarlijk voor ons. Observeer ze en geniet van het schouwspel op en dicht boven de grond. De kleinere mannetjes rollebollen met de vrouwtjes. De zorg van het broedsel is helemaal voor rekening van de vrouwtjes.

Binnen onze afdeling bestuderen we de boeiende wereld van solitaire bijen.

 

Gehoornde metselbij (foto Leo Vaes)

Moerassprinkhaan

Moerassprinkhaan (Stethophyma grossum) is de grootste veldsprinkhaan van België. De vrouwtjes zijn groter dan de mannetjes en kleuren in de nazomer prachtig paars-roze. Het

is een typische soort voor waardevolle beekdalen. In de Kleine Netevallei is er één populatie in het deelgebied het Viersels gebroekt. De populatie is stabiel maar de verspreiding blijft eerder beperkt tot de bekende percelen.

Moerassprinkhaan komt in graslanden voor met Moeraskartelblad (Pedicularis palustris) en mogelijk profiteert de soort door de structuurvariatie die dankzij de half-parasitatie van het Moeraskartelblad ontstaat. Net zoals Moeraskartelblad is Moerassprinkhaan aangepast aan de overstromingen in het gebied. De eieren worden in de bodem gelegd en moeten tijdens de winter minstens een aantal dagen onder water staan om te kunnen ontwikkelen.

Door een aangepast maaibeheer wordt er getracht om de huidige populatie te vergroten. Nieuw verworven percelen worden ingericht in functie van Moerassprinkhaan en hopelijk verspreid de soort zich verder in de Kleine Netevallei.

moerassprinkhaanVrouw

Foto Leo Vaes